Grote wintersportevenementen, het begon klein in de vrije natuur
Ontwikkeling van de skisport
Was wintersport in het midden van de negentiende eeuw iets dat voor maar weinig mensen was weggelegd, halverwege deze eeuw kwam ook de grote massa in aanraking met wintersport. De productie van skiuitrustingen werd economisch belangrijk en ontwikkelde zich rond het skiën de tertiaire sector (toerisme, handel en skischolen). Skiwedstrijden werden nog altijd in de vrije natuur gehouden. Maar met de wens naar uniforme wedstrijdgebieden en steeds betere prestaties, die alleen door professionele wedstrijdskiërs op te brengen waren, begon de wintersport te veranderen. De economische en politieke factoren, versterkt door de media, domineerden steeds meer de beslissingen over de plaats en het tijdstip van de wedstrijden.
Belangen bij wintersportevenementen
Bij grote sportevenementen staan veel belangen op het spel. De belangen zijn onder te verdelen in: de sport, de economie, de politiek, het milieu en de cultuur (bevolking).
Voor sporters kan het een hoogtepunt in hun carrière zijn. Voor de sportverenigingen is het belang vooral financieel, omdat de wedstrijden een groot deel van hun budget binnen brengen. Voor de nationale, regionale en lokale economie heeft een evenement veel voordelen. Er wordt geïnvesteerd in de infrastructuur en sportgebieden worden gemoderniseerd. Grote ondernemingen komen erop af voor de reclame. De media is geïnteresseerd in de televisierechten. Voor de politiek kan het interessant zijn vanwege de financiële middelen die in een gebied gepompt worden en de positieve houding van de bevolking wat kiezers op kan leveren. Milieubeschermers zijn meestal niet happig op een dergelijk evenement vanwege de negatieve gevolgen voor natuur en milieu. De cultuurdragers van het land zien vaak een goede kans om bij een groot sportevenement hun volkscultuur bij een groot publiek onder de aandacht te brengen.
Negatieve gevolgen
Naast de genoemde voordelen voor een aantal belangengroepen is de invloed op het milieu vaak negatief. De belangrijkste milieubelasting van een groot wintersportevenement zijn:
* Bouw van onderkomens en sportlokaties. Te vaak passen de te bouwen onderkomens niet in de omgeving waar ze worden neergezet. Het aantal deelnemende sporters en vooral hun gevolg neemt door de jaren heen sterk toe. Dit zorgt voor extra druk op beschikbaarheid van grond en ontwikkeling van de regio. Een ander gevolg is de afbreuk aan het landschap door losstaande bouwwerken in de natuur. Hierbij valt te denken aan bob- en rodelbanen, ijshallen en springschansen.
* Belasting door de infrastructuur. Hieronder vallen prioriteit voor gebruik oppervlak voor wegen e.d., het doorsnijden van natuurlijke leefgebieden en de emissies van luchtverontreinigende stoffen.
* Transportprobleem veroorzaakt door de aan- en afreizende deelnemers en toeschouwers vanuit hun land, de transportvraag in de plaats zelf en het transport tussen de sportaccomodaties.
* Het energieaanbod. Er is tijdens het evenement een grote vraag naar energie. Vaak moet de energie van ver worden aangevoerd.
* De afvalproblematiek. Veel mensen veroorzaken nu eenmaal veel afval.
* Land- en bosbouw. Wintersportevenementen vragen veel ruimte. Het gebruik van cultuur- en natuurlandschap heeft uitwerkingen op lucht, bodem, water, flora en fauna.
Milieukosten
Bij het opstellen van een begroting voor een wintersportevenement moet duidelijk worden hoeveel geld besteed wordt aan natuurbescherming. De milieu- en sociaal-culturele kosten zullen in de toekomst berekend moeten worden. Tevens is het belangrijk dat de milieugevolgen en de oplossingen op korte, middellange en lange termijn worden meegenomen. Vaak worden alleen de gevolgen op korte termijn erkend.
Olympische spelen
IOC president Samaranch onderstreept het milieu als derde dimensie van de olympische spelen na sport en cultuur. In de informatie die de IOC aan steden beschikbaar stelt wordt ook milieubescherming behandeld. CIPRA onderkent echter enkele tekortkomingen:
* In de documentatie voor kandidaat steden worden ruimte- en milieurelevante vragen gesteld, maar deze vragen staan sterk op de achtergrond.
* Bij de keuze voor een olympische stad door het olympisch comité zijn economische aspecten veel sterker meegenomen dan milieuaspecten. Het IOC verlangt een schriftelijke garantie voor de naleving van gezamenlijke geldende milieuregels. Serieuze risicoschattingen van de milieugevolgen liggen echter zelden klaar. Ook worden de berekende effecten van enkele afzonderlijke activiteiten worden veelvuldig veralgemeniseerd en negatieve uitwerkingen gebagatelliseerd.
* Voor het onderzoek naar de kandidaatsteden wordt maar weinig tijd toegelaten, namelijk 6 maanden terwijl 8,5 jaar voor de het begin van de spelen de kostenschattingen gevorderd worden.
* Milieu is naast sport en cultuur de derde olympische zuil, maar tussen deze zuilen zijn te weinig verbindingen. Tevens ontbreekt een verbonden beoordelingsnetwerk voor de kandidaatsteden.