Bescherm de Alpen tegen EU-vrachtverkeer
Op 31 januari haalde
minister Jorritsma als voorzitter van een bijeenkomst van EU-transportministers
uit naar Zwitserland, dat zware vrachtwagens alleen op de trein toelaat.
Volgens Jorritsma leidt dit tot omrijden via Oostenrijk en Frankrijk, hetgeen
slecht zou zijn voor het milieu. De milieubeweging ziet het land echter
als een basis van waaruit het door EU-beleid sterk groeiende wegtransport
ingedamd kan worden.
Overal in Europa leidt
het groeiende transport over de weg tot (milieu)problemen, maar nergens
zo extreem als in de Alpen. Doordat hogere luchtlagen er nauwelijks mengen
met lucht in de dalen, blijven uitlaatgassen lang hangen. Het overgrote
deel van de bevolking woont in deze dalen en ondervindt de ongezonde effecten.
De lucht in kuuroord Chamonix is inmiddels net zo vervuild als in een grote
stad; tachtig procent van die vervuiling komt van het autoverkeer.
De schadelijke uitlaatgassen
hebben een negatief effect op de Alpenflora. Deze is vaak uniek en enorm
gevarieerd; vrijwel elk dal kent zijn eigen soorten. De conditie van de
bossen langs de grote verkeerswegen is inmiddels belabberd wat erosie en
lawines tot gevolg kan hebben.
In het hele Alpengebied
verzet de bevolking zich daarom tegen het toenemende vrachtverkeer en tegen
de aanleg van nieuwe snelwegen. In Noord-Italië legde de autonome
regio Valle Aosta een beperking van het goederenverkeer over de weg vast
in de wet. Het probleem in deze gebieden is echter dat de nationale regeringen
en de EU kiezen voor méér transport en nieuwe wegen, en beschermende
wetgeving gauw botst met het EU-beleid van één markt, met
eenduidige regels.
Zwitserland verkeert
in een unieke positie. De Alpen beslaan zestig procent van het grondgebied.
De hele bevolking is daarom doordrongen van de noodzaak de Alpen te beschermen
en het vrachtverkeer te beperken. Er gelden nog altijd verboden voor 's
nachts en op zondag rijden en een maximumgewicht van 28 ton voor vrachtwagens.
Mede door deze limieten heeft Zwitserland het beste spoorwegnetwerk van
Europa.
Het land wordt echter
sterk onder druk gezet. De EU en Zwitserland willen een zevental verdragen
sluiten, onder meer over landbouw, vrij verkeer van personen en luchtverkeer.
Zes overeenkomsten zijn intussen afgesloten, maar de EU wil deze pas ondertekenen
als het verdrag over vrachtverkeer rond is. De EU wil toestemming om met
vrachtwagens tot 40 ton door Zwitserland te rijden, en vindt de heffingen
die het land wil invoeren te hoog. De EU én de Zwitserse regering
kunnen echter niet om de Zwitserse grondwet heen, waarin door middel van
een referendum in 1994 werd vastgelegd dat ter bescherming van de Alpen
al het zware vrachtverkeer op de trein moet.
De EU erkent de noodzaak
van milieubeleid, "maar dan wel gezamenlijk". De Europese Commissie stelde
vorig jaar een 'Groenboek' op - Naar een eerlijke en doelmatige prijsstelling
in het vervoer - dat goede uitgangspunten heeft. Er wordt zelfs erkend
dat in 'ecologisch gevoelige gebieden' aparte heffingen nodig zijn. Het
probleem met de EU is dat de doelstellingen altijd verwateren in een zeer
traag proces dat wordt gedicteerd door economische belangen. Zo wordt inmiddels
over gevoelige corridors gesproken in plaats van over gevoelige gebieden.
Daarmee is niet het hele Alpengebied beschermd. De hoogte van heffingen
wordt bovendien afhankelijk van de aanwezigheid van een alternatief voor
wegvervoer. Concreet dreigt daarmee het 'omrijden' via de Mont Blanc-route,
waar een spoorlijn ontbreekt, sterk toe te nemen.
Laten we ook eens naar
het 'omrijden' door Oostenrijk kijken. Zwitserland krijgt daarvan de schuld,
maar het Zwitserse beleid is de afgelopen jaren niet veranderd. Wat wel
is veranderd is dat steeds meer transport plaatsvindt tussen de lidstaten
door de Europese economische eenwording. Volgens EU-schattingen zal het
goederentransport door de Alpen de komende twintig jaar verdubbelen. Men
erkent de ernst van de situatie en er wordt veel gesproken over een verschuiving
van weg naar rail. Maar intussen daalde het goederentransport per rail
met 9 procent sinds Oostenrijk toetrad tot de EU, en worden zowel vanuit
Duitsland als vanuit Italië maar liefst drie snelwegen in de richting
van de Oostenrijkse grens aangelegd. Oostenrijk is niet bereid al deze
wegen over haar grondgebied door te trekken, maar dat is wel wat Duitsland
en Italië willen.
Oostenrijk legt het
transitoverkeer al een aantal jaren heffingen op om haar Alpengebieden
enigszins te beschermen. Omdat deze niet voldoende werken, ijvert Oostenrijk
nu voor steviger maatregelen, maar als EU-lid kan het die niet eenzijdig
invoeren. De EU, van haar kant, wil vooral ongehinderd transport. Ze wist
in 1991 de Oostenrijkse regering, die het land toen persé in de
EU wilde loodsen, tot een zeer onvoordelig Transitverdrag te bewegen. Op
het eerste gezicht lijkt er niets aan de hand: de EU krijgt elk jaar een
aantal miljoenen 'Ecopunten', een soort quotum voor vrachtverkeer door
Oostenrijk, te verdelen over de lidstaten. Omdat volgens het verdrag de
NOx-emissies in 2003 met 60 procent afgenomen moeten zijn, wordt het aantal
Ecopunten elk jaar opnieuw (lager) vastgesteld.
Er zit evenwel een
addertje onder het gras. Het aantal Ecopunten werd in 1991 berekend door
het vermenigvuldigen van de gemiddelde NOx-uitstoot per vrachtwagenkilometer
met het aantal vrachtwagens dat het land per jaar passeerde. Uit onderzoek
blijkt dat de aangenomen uitgangswaarden - resultaat van onderhandelingen
- 50 procent te hoog gesteld zijn! Zodoende kon het vrachtverkeer door
Oostenrijk tussen 1991 en 1996 met 37 procent toenemen, zonder dat alle
Ecopunten zijn uitgegeven. Dit kan ertoe leiden dat de EU, bij de tussentijdse
evaluatie van het verdrag eind dit jaar, eist dat Oostenrijk haar hoge
heffingen opgeeft en 'EU-conforme instrumenten' inzet.
Er is al met al reden
genoeg om voorlopig niet teveel te vertrouwen op onderhandelingen, hoe
fraai de uitgangspunten ook zijn. Het lijkt verstandig alle bescherming
die er bestaat voor de Alpen te behouden, en Zwitserland dus te steunen.
Zwitserland hoeft geen eiland te zijn, regelgeving in breder verband is
noodzakelijk. Maar dan moet daar wel uitzicht op zijn. Intussen doet Zwitserland
zijn best om de capaciteit van haar spoorwegen fors op te voeren. De capaciteit
van het bestaande spoor wordt uitgebreid en er wordt geïnvesteerd
in twee nieuwe spoortunnels, die samen langer zijn dan de Kanaaltunnel.
De kosten voor die tunnels, en de milieugevolgen, zijn eigenlijk al méér
dan genoeg.
Een verschuiving van
het goederenvervoer van weg naar rail en water is maar een deel van de
oplossing. Als de enorme groei van het vervoer doorzet, blijven we met
een fors milieuprobleem zitten. In feite moet er een eind komt aan veel
onzintransport. Is het normaal dat aardappelen uit België en Duitsland
door de Alpen heen en weer gereden worden, alleen maar omdat het spoelwater
in Italië goedkoper is?
Alex de Meijer (milieudefensie)
|