Alpijn 2002
Nederlandse Milieugroep Alpen
[Voorpagina van de NMGA] [Signalement NMGA - informatie over 
doel en activiteiten] [De Kleine Alpenflora] [Diverse links] [Alpijn on lijn, het tijdschrift van 
de NMGA op internet] [Contact / personen en werkgroepen 
van de NMGA]
 


Inhoudsopgave dit jaar



VOORPAGINA'S VAN ALPIJN PER JAAR:
Alpijn 2002
Alpijn 2001
Alpijn 2000
Alpijn 1999
Alpijn 1998
Alpijn 1997


Inhoudsopgave Alpijn on lijn algemeen

 

2002 Internationaal Jaar van het Duurzaam Toerisme

De toeristen branche is momenteel de snelst groeiende economische sector en de grootste industrie ter wereld. Hierdoor neemt de druk op de natuur nabij populaire bestemmingen echter enorm toe en wordt op sommige plaatsen de natuurlijke draagkracht van het ecosysteem overschreden door bijvoorbeeld vervuiling en vernieling. Uit het één hoeft echter niet automatisch het ander te volgen. Zo kan toerisme zelfs een positieve invloed hebben op het milieu op en nabij de vakantie bestemming.

Om meer draagvlak te ontwikkelen voor de duurzame ontwikkeling van toerisme bij zowel de consument als de reisbranche, is begin maart in Nederland officieel het Internationaal Jaar van het Duurzaam Toerisme van start gegaan, op initiatief van de Verenigde Naties. Ook in Nederland zijn hier diverse instanties bij betrokken, waaronder de NMGA.

Voor 2002 staat er een groot aantal activiteiten op het programma. Zo zullen er ansichtkaarten met als thema onder andere de Alpen en de Antillen worden verspreid. Ook staan er enkele conferenties en een special van het tijdschrift Natuur en Toerisme op het programma. De NMGA draagt ook zijn steentje bij in de vorm van een fototentoonstelling met foto's van Jac ten Klooster. Hier over lees je elders in deze Alpijn meer.

Ook zal er een gezamenlijke promotiecampagne plaats vinden van VISIT (Voluntary Initiatives for Sustainability in Tourism). VISIT is het samenwerkingsverband van tien toeristische milieukeurmerken in Europa en is een initiatief van het Europees Centrum voor Eco en Agro Toerisme (ECEAT). Het ECEAT geeft onder andere de Groene Vakantiegids uit waarin verschillende mogelijkheden staan om op natuurvriendelijke uw vakantie door te brengen in vrijwel alle landen van Europa, waaronder ook de Alpenlanden.

Om de duurzame wintersport te stimuleren, is de Nederlandse Ski Vereniging op 21 maart gestart met de verkiezing van de 'Wintersportdiamant'. Van 21 maart tot 15 april kunnen wintersporters vervolgens hun stem uitbrengen op tien voorgeselecteerde duurzame wintersportbestemmingen. De Wintersportdiamant 2002 zal uiteindelijk uitgereikt worden aan de skibestemming die het beste zorgt voor zijn natuurlijke omgeving en zijn bewoners, én die tegelijkertijd enige bekendheid geniet bij de Nederlandse skiër. Als u ook uw stem uit wilt brengen, dan kan dat via de bon in Ski Magazine 6, 2002, of op www.wintersport.nl.

 

Jaar van de Bergen

Dat de berggebieden van de wereld ernstig bedreigd worden, hoeven we lezers van Alpijn waarschijnlijk niet meer te vertellen. Om dit echter ook de rest van de wereld duidelijk te maken, is 2002 , behalve het jaar van het duurzaam toerisme, ook het jaar van de bergen. Hiertoe werd het uitgeroepen door de FAO (Food and Agriculture Organization) van de Verenigde Naties. Op deze manier hoopt men meer aandacht te krijgen voor het behoud en de duurzame ontwikkeling van berggebieden.

www.mountains2002.org

Andere links: www.berge2002.li, www.berge2002.at, www.berge2002.de , www.mtnforum.org, www.mrd-journal.org, www.alpen3000.ch, www.fao.org, www.sanw.unibe.ch, www.alpine.unibe.ch/iym_events.html, www.montagna.org

Meer informatie over activiteiten in het kader van het Internationaal Jaar voor Duurzaam Toerisme is te vinden op www.duurzaamtoerisme.com

Zie www.yourvisit.info/ voor meer informatie over de deelnemende keurmerken in de verschillende landen.

ECEAT, Postbus 10899, 1001 EW Amsterdam
Tel: (020) 668 10 30 eceat@antenna.nl www.eceat.nl

 

Pro Natura verkiest de bosmier tot dier van het jaar 2002

De Zwitserse Natuurbeschermingsorganisatie Pro Natura heeft, na de lynx en de steenarend, voor het eerst een insect uitgeroepen tot dier van het jaar 2002, namelijk de bosmier. Deze beestjes laten immers, zo schrijft Pro Natura, zien dat, hoe klein ook, je met zijn allen via goede samenwerking heel wat voor elkaar kunt krijgen. En laat dit nu precies de instelling zijn die nodig is voor het oprichten van een nieuw nationaal park.

Hoewel van de zeven bosmiersoorten er maar één daadwerkelijk bedreigd is, zijn ze allemaal, inclusief hun nesten, beschermd. Dit in verband met de belangrijke rol die ze spelen in het functioneren van het ecosysteem waarin ze leven. Vier van de zeven soorten die in Zwitserland voorkomen zijn overigens te vinden in het nationaal park in de Engadin, wat tot nu toe het enige nationaal park van Zwitserland is. Pro Natura doet er alles aan om hier snel verandering in te brengen. Volgens een woordvoerder van de natuurbeschermingsorganisatie is het niet meer de vraag of, maar wanneer er een tweede park komt. Overigens, ook in Oostenrijk zijn vergevorderde plannen voor de oprichting van een nieuw nationaal park.

 

Wijkende gletschers, wijkende sneeuwgrens

De World Glacier Monitoring Service (WGMS) van de Universiteit van Zürich onderzoekt het afkalven van gletschers over het gehele aardoppervlak. Men heeft geconstateerd dat de Zwitserse Rhone- en Aletschgletschers de laatste vijftien jaar een vijfde van hun volume hebben verloren. Als dit in dit tempo doorgaat, zijn in 2050 alle gletschers in de Europese Alpen verdwenen. Het WGMS wijt de afname aan de mondiale klimaatopwarming. Als er veel sneeuw op de gletschers ligt wordt de zonnestraling voldoende teruggekaatst. In zachte winters met weinig sneeuwval echter staan de kale gletschers blootgesteld aan de zon en absorberen makkelijker de zonnewarmte. Bovendien stimuleert regenval het smeltproces op de gletschers.
De sneeuwgrens komt ook steeds hoger te liggen. Iedere wintersporter heeft er mee te maken. Men berekende in Oostenrijk dat de gemiddelde wintertemperatuur daar de afgelopen tien jaar met een graad gestegen is. Die graad extra leidt tot een verkorting van de sneeuwperiode met vier a zes weken. Het Oostenrijkse KNMI verwacht dat in 2030 in de gebieden onder de 1200 meter überhaupt geen sneeuw meer zal vallen. Nu ligt die grens bij 800 tot 1000 meter. In Zwitserland doet men nog somberder voorspellingen: de sneeuwgrens daar zou binnen enkele decennia gestegen zijn tot 1800 meter. Daarmee komt de helft van de Zwitserse skigebieden in gevaar.
De wintersportdorpen voorzien grote problemen: toeristen zullen afhaken als ze tijdens hun vakantie tegen bruine hellingen aan moeten kijken. Bovendien zullen ze niet meer tot in het dal (of tot onder aan de skilift) kunnen skiën. De oplossing wordt onder andere gezocht in de aanleg van snelle hoge liften die de skiërs naar sneeuwzekere hoogten kunnen brengen en in het gebruik van sneeuwkanonnen.
Wat die sneeuwkanonnen betreft: zij kunnen pas hun werk doen als het een graad of zes vriest. Pas dan kan uit water en lucht kunstsneeuw worden gemaakt. Wil men in warmere tijden kunnen beschikken over kunstsneeuw, dan is er sinds kort de oplossing van het geïsoleerde kunstsneeuwdepot: als het voldoende koud is, wordt extra kunstsneeuw geproduceerd en opgeslagen voor warmere tijden.
De milieubeweging is mordicus tegen het gebruik van kunstsneeuw. Het leidt tot een hoog energie- en waterverbruik. Om tien hectare grond te voorzien van een dekkende laag kunstsneeuw is 15.000 tot 20.000 kubieke meter water nodig.
Anderen nadelen zijn:
- de structuur van kunstsneeuw is veel dichter; de onderliggende flora wordt erdoor verstikt;
- de grotere hoeveelheid smeltwater in het voorjaar, ontstaan uit de compactere sneeuw, kan tot erosie leiden;
- om sneller kristallisatie van de kunstsneeuw te bereiken worden dode bacteriën en ook chemicaliën toegevoegd.

Bron: Utrechts Nieuwsblad 13.2.2002 / NRC Handelsblad 28.2.2002

 

Permafrost

Het ontdooien van permanent bevroren grond doet zich niet alleen voor in streken als Siberië. Ook in de Alpen, waar berghellingen door permafrost bijeen gehouden worden, is het verschijnsel waarneembaar. De kans op aardverschuivingen en lawines wordt daardoor groter.

Het verschijnsel permafrost
Permafrost, permanent bevroren ondergrond, neemt wel 25% van het landoppervlak van de aarde in beslag. Officieel is er sprake van permafrost als de bodemtemperatuur gedurende twee of meer aaneengesloten jaren beneden de 0 graden Celsius blijft. Met andere woorden, bij permafrost is het gehele jaar de bodem bevroren waardoor het water in de bodem ook bevroren is. Dit bevroren water zorgt ervoor dat stenen in de bodem als het ware aan elkaar vast gekit zijn. We kennen het verschijnsel vooral van de Arctische en subarctische gebieden. In de toendra¹s ontdooit in de zomer alleen de bovenste grondlaag. De bevroren onderlaag blijft intact en dus ondoordringbaar, zodat het dooiwater niet weg kan lopen. Daarom zijn zulke gebieden¹s zomers zeer drassig. 's Winters bevriest die natte laag weer. De dikte van de bevroren onderlaag kan in Siberië wel 1500 meter bedragen.Een bijzondere eigenschap van permafrost is het vermogen om planten en dieren te conserveren. In Siberië komen complete mammoeten uit het ijs tevoorschijn. In landen als Alaska en Canada heeft men zich aan de permafrost aangepast. Mede door de bodemvondsten in die landen (olie en gas) heeft men manieren willen vinden om op permafrost te werken en zelfs te wonen. Men onderheit de gebouwen door palen in de bevroren onderlaag te drijven. Eenvoudig is dit niet: permafrost is wel sterk maar ook kwetsbaar. Als er dooi optreedt, verliest de laag al gauw zijn stevigheid. Gebouwen moeten aan de onderkant dus goed geïsoleerd worden om te voorkomen dat warmte naar beneden wordt afgevoerd.

Het ontstaan van permafrost
Permafrost ontstaat simpel gezegd als er meer grond in de winter bevriest dan er 's zomers weer ontdooit. Als dat namelijk het geval is, 'groeit' de permafrostlaag. Deze groei kan duizenden jaren aanhouden. Op een gegeven ogenblik stopt het proces van bevriezing omdat de laag zo dik is geworden dat er een evenwicht ontstaat tussen de toevoer van warmte uit de aardkorst zelf en het warmteverlies aan de bovenkant.

Alpine permafrost
Permafrost doet zich ook in minder noordelijk gelegen streken voor, namelijk in hooggelegen gebieden (gebergte of hoog gelegen vlaktes). Dit type permafrost wordt alpine permafrost genoemd. Er is over dit verschijnsel nog niet zo heel veel bekend. Hoe zuidelijker de breedtegraad, hoe groter de hoogte waarop permafrost verschijnt. Alpine permafrost doet zich voor boven de 2500 meter. Er is in hoge bergen dus een permanent bevroren kern aanwezig.

Het verdwijnen van permafrost
Al langer is aangetoond dat permafrost wereldwijd afneemt, zowel in dikte als in oppervlakte. Permafrost is een grondlaag die vaak dicht tegen smelten aan zit. Vaak is sprake van een subtiel thermisch evenwicht, zoals hierboven uitgelegd. De temperatuur van de atmosfeer hoeft dan niet zo heel veel warmer te worden om dat evenwicht te verstoren, waardoor de de permafrostlaag ontdooit. De warmte-afgifte aan de atmosfeer vermindert, waardoor de laag zelf warmer wordt. De alpine permafrost is eveneens aan het ontdooien. Bergen worden dus warmer van binnen.

Oorzaken
Als belangrijkste oorzaak voor het smelten van de permafrost noemen wetenschappers het broeikaseffect. De temperatuur in de atmosfeer is de afgelopen tien jaar met 0.2 graden gestegen. Die opwarming heeft effect op de temperaturen in de grond. Maar permafrost neemt niet alleen af door 'global warming', het draagt er ook aan bij. De permafrost op de Noordpool heeft eeuwenlang gefungeerd als een soort opslagplaats voor diverse gassen. Als deze bodems nu langzaam ontdooien, verwachten wetenschappers dat er ongekende hoeveelheden broeikasgassen (methaan en kooldioxide) vrij zullen komen - en dat zal dan weer het proces van de opwarming van de aarde versnellen.

Gevolgen
Als de opwarming van de grond in de bergen doorzet, zal dat enorme gevolgen voor bewoning en toerisme kunnen hebben. De aanwezigheid van bevroren grond is namelijk een belangrijke factor voor de stabiliteit van steile hellingen. Permafrost hellingen die langzaam ontdooien, worden instabiel. Ook rotsmassa's die doortrokken zijn met ijsaders, kunnen brokkelig worden als dat ijs smelt. Aardverschuivingen en steenlawines kunnen het gevolg zijn. Er doet zich nog een probleem voor: veel kabelbanen en liften hebben hun funderingen in de permafrost laag. De stabiliteit van die installaties neemt natuurlijk af als die laag zwakker wordt. Bovendien zouden de stalen masten die in de permafrost verankerd zijn de zonnewarmte die zij ontvangen wel eens door kunnen geven naar beneden (dit wordt nog onderzocht).
De combinatie van een grondtemperatuur maar net beneden het vriespunt en veel ijsmassa in de rotsen maakt alpine permafrost kwetsbaar, zelfs voor kleine klimaatsveranderingen. Met name de Alpen vormen een risicogebied: er wonen veel mensen, vaak dicht onder permafrost zones, en de berghellingen zijn er steil.

Onderzoek in de Alpen
De grondtemperatuur in de bergen is in de afgelopen honderd jaar gestegen met 2 graden. Dat de temperatuur in de ondergrond toeneemt is dus geen nieuw verschijnsel. Maar uit een boring in de bergen nabij Sankt Moritz is gebleken dat de temperatuur van de grond in de afgelopen vijftien jaar is gestegen met 0.5 tot 1 graad. Dit tempo ligt opeens veel hoger! De permafrostgrens is daarmee ook opgeschoven: de afgelopen 100 jaar is die grens met zo'n 150 tot 200 meter gestegen. De opwarming van de grond wordt overigens niet alleen veroorzaakt door een hogere luchttemperatuur maar ook door de grotere hoeveelheid sneeuw die er valt (een sneeuwdek isoleert en beschermt de bodem tegen vorst) en door het terugtrekken van de gletschers (het op die manier vrijgekomen gesteente kan meer zonnewarmte opnemen).

PACE project
Het PACE (Permafrost And Climate in Europe) project is een gezamenlijke onderneming van de Europese Unie en de Zwitserse overheid. Het project is eind 1997 gestart met als doel: het onderzoeken van veranderingen in de bevroren bodem door de opwarming van de atmosfeer. In geheel Europa werden daartoe gaten tot zo'n 100 meter diepte in de permafrost geboord. Men wil onderzoeken hoe dik de lagen permafrost zijn, hoe koud ze zijn en of zich temperatuurschommelingen voordoen. Ook wil men bekijken welke effecten het verlies van permafrost heeft, en welke berggebieden er mogelijk gevaar zullen lopen. Het project is nieuw en langetermijnvoorspellingen durft men nog niet te doen. Men zal gedurende de komende 10, 20 jaar metingen verrichten. Volgens de somberste prognoses zullen, als de opwarming van de alpine permafrost in het nu geregistreerde tempo doorzet, in de toekomst hele bergdorpen moeten worden verplaatst. De leider van het PACE project zoekt de oorzaak voor enkele reeds opgetreden aardverschuivingen en steenlawines al in het ontdooien van alpine permafrost. Maar omdat totaal niet te zeggen is hoe ernstig eventuele aardverschuivingen zullen zijn en wanneer ze zullen optreden, worden de waarschuwingen van de wetenschappers tot dusver niet door iedereen serieus genomen.

 


 
 
INHOUDSOPGAVE 2002

De artikelen in Alpijn 2002:
Uit het bestuur
Ten geleide
Wintersportgebieden vanuit de ruimte
2002 Internationaal Jaar van het Duurzaam Toerisme
Jaar van de Bergen
Pro Natura verkiest de bosmier tot dier van het jaar 2002
Wijkende gletschers, wijkende sneeuwgrens
Permafrost
Tentoonstelling Internationaal jaar van de bergen
De Alpijn en de toekomst
Actief worden binnen de NMGA?
De NMGA in het kort

Deze editie van Alpijn is ook op te halen als pdf-document (leesbaar met Acrobat Reader) of als MS Word document

 

De artikelen uit 2002 zijn nog niet in de thematische inhoudsopgave opgenomen.

 

W E G W IJ Z E R  
Nederlandse MilieuGroep Alpen  
DE NMGA  
- voorpagina
- signalement
- contact
[Het algemene e-mail adres van de NMGA]
INFORMATIE
- Alpijn 1997-2002
- Kleine Alpenflora
- links
[Overzicht van de NMGA site met korte beschrijvingen]
overzicht NMGA site
[De pagina over ontwerpers en auteurs van de NMGA site]

 

Deze internetsite wordt mogelijk gemaakt door diverse vrijwilligers.